Saint-Saëns

 

START
Omhoog
Clérambault
Couperin
Demessieux
Dupré
Duruflé
Fauré
Gounod
Guilmant
d'Indy
Méhul
Messiaen
Pierné
Saint-Saëns
Titelouze
Tournemire
Vierne
Widor

 

Saint-Saëns, classicus pur sang

Camille Saint-SaënsSaint-Saëns, Camille

LEVEN

1835 Geboren in Parijs (Frankrijk)

1846 Optreden als concertpianist.

1848 Leerling aan het Parijse conservatorium – van Benoist (orgel).

1853 Eerste Symfonie, die nog in hetzelfde jaar werd uitgevoerd.

1853 (-1857) Organist van de kerk Saint-Merry te Parijs.

1857 (-1877) Organist van de Madeleine te Parijs.

1861 (-1865) Tevens pianoleraar (o.a. van Fauré) aan de 'École Niedermeyer', eveneens te Parijs.

1871 Medeoprichter van de 'Société nationale de Musique' (met o.a. César Franck als lid)

1921 Overleden in Algiers.

Frans componist, pianist, dirigent en organist. Bevorderaar van uitvoering van eigentijdse Franse muziek vanaf 1871. Na 1877 wijdde hij zich vooral aan het componeren. Daarnaast maakte hij talrijke concertreizen als pianist, organist en dirigent van eigen werk.

WERK

1853 (-1866) Derde Symfonie (in Es, 1853; in a, 1859; in c, 1866, met orgel en piano vierhandig).

1866 3 'Rhapsodies sur des thèmes bretons' (orgel).

1885 'Harmonie et mélodie' (verzameling opstellen).

1894 (/1898) 6 'Préludes et fugues' (orgel).

1900 'Portraits et souvenirs' (geschrift).

1919 'Les idées de M. Vincent d’Indy'.

Door het vasthouden aan de klassieke traditie en door zijn evenwichtige en doorzichtige stijl, waarin groot technisch kunnen (groot talent voor contrapunt) zich verbindt met koele elegantie en architectonische strengheid, laat Saint-Saëns zich karakteriseren als een classicist.

Door de duidelijk te herkennen inspiratiebronnen (o.a. Mendelssohn en Händel) draagt het werk van Saint-Saëns ten dele een eclectisch karakter. Zijn historisch besef kwam ook tot uitdrukking in het gebruik van 14de-eeuwse Frans dansvormen. Aan het eind van zijn leven ontwikkelde hij, evenals Fauré, een strenge en sobere stijl.

Saint-Saëns was geen baanbreker van nieuwe wegen in de muziek. Niettemin toont hij in zijn beste en bekendere werken (de derde symfonie, piano- en celloconcerten en symfonische gedichten) een eigen stijl en grote oorspronkelijkheid, o.a. in de verscheidenheid van ritme: onafgebroken syncopen hebben vaak maatverschuivingen tot gevolg.


Fauré Franck Händel d'Indy Mendelssohn

Bijgewerkt 18-jan-2007 START | Omhoog | Clérambault | Couperin | Demessieux | Dupré | Duruflé | Fauré | Gounod | Guilmant | d'Indy | Méhul | Messiaen | Pierné | Saint-Saëns | Titelouze | Tournemire | Vierne | Widor